Een toekomstplan voor de inrichting van het Storkterrein. Uitgaande van de ecologie schept Vista een netwerk van "nat en droog". Tegelijkertijd een integratie van functies, met besloten werkruimtes in een openbaar park.

   
Het Storkterrein heeft door de voortgaande verstedelijking van Amsterdam een centrale ligging gekregen in een reeks woonwijken met weinig groen (KNSM en Java Eiland, Oostelijke eilanden, Borneo Sporenburg en Indische Buurt.) Het terrein zou een centrale en openbare plek moeten worden met meer functies dan alleen maar werken. Samen met "de Rietlanden" kan het een park worden, vergelijkbaar met Westerpark en Vondelpark.

Het terrein met bedrijfsgebouwen is gelegen aan water en spoor. Er is dus een nat en een droog netwerk, dat bij de nieuwe terreininrichting bij elkaar kan komen.
Als de bodemschatten uit de VOC-tijd door archeologen worden opgegraven ontstaan putten.
Deze putten gaan deel uit maken van een stelsel van waterlopen.

De industriële activiteiten uit het verleden (VOC, Stork, Werkspoor) hebben echter niet alleen waardevolle sporen in de grond achtergelaten. De grond is vervuild met onder andere zware metalen en teren. Daarom moet de grond hermetisch afgesloten worden van buitenlucht en grondwater met damwanden en zware folies.

De huidige loodsen, behalve de Van Gendt Hallen, worden afgebroken. Vervolgens wordt op bestaande fundering nieuwbouw gepleegd. De daken van de nieuwe bebouwing gaan deel uit maken van het park. De afwisselend natte en droge daktuinen worden door bruggen met elkaar verbonden. Het gebied ontwikkelt zich dan in losse stapelingen, waarbij ieder gebouw deel uit maakt van de parkstructuur.
-MJ